HARDENBERG – Terwijl in de kernen van Twenterand, Ommen, Dalfsen en Hardenberg de rood-wit-blauwe vlag deze dagen vrolijk wappert – vaak samen met oranje vlaggetjes om het Nederlands elftal aan te moedigen – is langs de N36 een heel ander beeld te zien. Daar hangen op verschillende plekken de Nederlandse vlaggen opnieuw ondersteboven. Niet uit voetbalenthousiasme, maar als protest van boeren die vrezen voor de gevolgen van de nieuwe stikstofplannen van het kabinet.
Woensdag 1 juli bespreekt de Tweede Kamer de uitgebreide stikstofplannen van landbouwminister Jaimi van Essen. De voorstellen moeten volgens het kabinet zorgen voor een structurele aanpak van de stikstofproblematiek, maar leiden onder boeren tot grote zorgen over de toekomst van hun bedrijven.
Onzekerheid
De gemeenten Twenterand, Ommen, Dalfsen en Hardenberg kennen veel melkvee-, pluimvee- en akkerbouwbedrijven. Voor veel agrarische ondernemers betekent de onzekerheid over vergunningen, bedrijfsontwikkeling en mogelijke maatregelen dat de discussie in Den Haag allesbehalve een ver-van-hun-bed show is.
Belangengroepen
Op sociale media wordt inmiddels massaal opgeroepen om woensdag naar Den Haag af te reizen en aanwezig te zijn bij het Kamerdebat. De oproep is afkomstig van zes agrarische belangenorganisaties: Agractie, Farmers Defence Force (FDF), Dutch Dairymen Board (DDB), Nederlandse Melkveehouders Vakbond (NMV), Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) en Stichting Stikstof Claim.
Trekker gestart
Ook de BoerBurgerBeweging (BBB) spreekt haar steun uit voor de actie. BBB-politica Caroline van der Plas liet op het social media platform X weten dat “de boeren de trekker al gestart hebben”, waarmee zij aangeeft dat de onvrede in de agrarische sector opnieuw groeit.
Signaal
Of er vanuit de regio ook daadwerkelijk veel boeren naar Den Haag vertrekken, zal woensdag blijken. Langs de N36 geven de omgekeerde vlaggen in ieder geval al een duidelijk signaal af: de onrust onder boeren is terug en de zorgen over de toekomst van de sector zijn onverminderd groot.
Tekst en foto’s: Hubert Hofman
